De voordeur is het kleinste onderdeel van de gevel en tegelijk het onderdeel waar de blik het eerst op valt. Een verkeerd gekozen deur laat een verder verzorgde woning onaf lijken, terwijl de juiste deur een gedateerde gevel meteen optilt. Toch komt die keuze bij een verbouwing vaak pas aan de orde als de kozijnen al besteld zijn. Zonde, want er valt meer aan af te wegen dan alleen de kleur.
Begin bij de stijl van de woning
Kijk eerst naar het bouwjaar en de vormentaal van uw huis. Een jaren-dertig woning met roedes in de ramen, een erker en een pannendak vraagt om andere verhoudingen dan een nieuwbouwwoning met grote glasvlakken en een vlakke gevel. Let daarbij op drie dingen aan de bestaande gevel, namelijk de indeling van de ramen, de kleur van de kozijnen en de sierlijsten of het metselwerkpatroon rond de deuropening. Die elementen bepalen of een deur rustig meegaat of juist gaat vechten met de rest.
Bij Kroon Kozijn merken ze dat mensen de keuze vaak maken op basis van één foto in een brochure, terwijl dezelfde deur in een andere gevel volstrekt anders uitpakt. Loop daarom een paar straten door uw eigen wijk en fotografeer de deuren die u aanspreken. In woningen van hetzelfde bouwjaar ziet u direct wat werkt. Meet daarbij ook de breedte van uw deuropening, want een smalle opening van tachtig centimeter laat zich moeilijk vullen met een deur die op brede panelen of dubbele glasstroken is getekend.
Landelijk of modern
Grofweg vallen de meeste deuren in twee richtingen uiteen. Landelijke kunststof voordeuren werken met paneelverdelingen, een verdiept profiel, siersmeedwerk en glas in kleine vlakken, soms met glas in lood. Die vormen sluiten aan bij een boerderij, een woning met rieten kap of een gerenoveerd pand uit het interbellum.
Aan de andere kant staan moderne kunststof voordeuren met een vlak deurblad, verticale glasstroken, een greep over de volle hoogte en een strakke aanslag zonder profilering. Die passen bij nieuwbouw, bij een woning met stucwerk of bij een gevel waarin de kozijnen al antraciet of zwart zijn. Zit u tussen de twee stijlen in, dan is een vlakke deur met één horizontale glasstrook meestal de veiligste keuze.
Waar de kwaliteit in zit
Uiterlijk is één helft van het verhaal. De andere helft zit in de opbouw van het deurblad en in het slot, en daar verschillen deuren die op de foto identiek lijken flink van elkaar.
Vraag bij een aanbieding daarom naar de volgende punten.
- De dikte van het deurblad, doorgaans tussen de zeventig en tachtig millimeter, en of de kern volledig is gevuld met isolatiemateriaal.
- De U-waarde van de complete deur inclusief glas, niet alleen van het paneel.
- Het inbraakwerende niveau, waarbij SKG met drie sterren en een meerpuntssluiting de gangbare eis is.
- De aanwezigheid van een aluminium of stalen versterking in het blad, want die voorkomt kromtrekken bij een deur op het zuiden.
Een donkere deur in de volle zon loopt aan de oppervlakte op tot ruim zeventig graden. Zonder versterking en zonder een doorgekleurde kern gaat zo’n blad na een paar zomers werken, met een deur die in augustus klemt en in januari precies past. Dat is geen kleurprobleem, maar een constructieprobleem. Een goede leverancier zet die opbouw gewoon op papier.
De deur in het geheel laten meelopen
Beoordeel uw uiteindelijke keuze altijd tegen de gevel zelf en bij daglicht, met een monster in de hand en de deurgreep erbij. Neem ook de brievenbus, het huisnummer en de buitenlamp mee in die afweging, want die drie details zitten op ooghoogte en trekken meer aandacht dan u denkt. Klopt dat geheel, dan valt de deur niet op als los onderdeel en ziet uw gevel er af uit.
